De zorgverzekeraars gaan gezamenlijk afspreken welke apotheekbereidingen worden vergoed. Dat heeft het bestuur van Zorgverzekeraars Nederland (ZN) besloten.
Nog deze maand wordt de landelijke vergoedingslijst bekend die op 1 januari van kracht wordt. Daarmee komt er een einde aan de onduidelijkheid voor verzekerden.
Eerder dit jaar leek de mededingingswetgeving zo’n gezamenlijk besluit van de zorgverzekeraars te verbieden. Gevolg was dat sommige geneesmiddelen door de ene zorgverzekeraar wel en door de andere niet werden vergoed. Dat druist weer in tegen het principe dat het basispakket voor iedereen hetzelfde moet zijn.
Over een oplossing is de afgelopen maanden uitvoerig gesproken door zorgverzekeraars, apothekers, het ministerie van VWS en mededingingsautoriteit. Inmiddels is duidelijk geworden dat ‘gezamenlijk duiden’ tóch mag van de Autoriteit Consument en Markt (ACM), mits het Zorginstituut Nederland aanwezig is bij deze gezamenlijke duiding van de zorgverzekeraars.
“Een pragmatische oplossing die verzekerden duidelijkheid geeft en tegelijk past in de mededingingsregels”, zegt ZN-voorzitter André Rouvoet.  “De afgelopen maanden verkeerden veel verzekerden in onzekerheid over de vergoeding van de medicijnen die voor hen op maat gemaakt worden. Al die verschillende regelingen en voorwaarden van afzonderlijke zorgverzekeraars veroorzaken onduidelijkheid voor onze verzekerden.”
Het gaat vooral om eigen bereidingen en zogenoemde doorgeleverde apotheekbereidingen: niet-geregistreerde geneesmiddelen die in één apotheek worden gemaakt en die worden doorgeleverd aan een andere apotheek waar dit geneesmiddel aan de patiënt ter hand wordt gesteld. Als deze aanpak werkt, wil ZN ook op andere terreinen ‘gezamenlijk duiden’ gaan inzetten.