Boven – Header
Boven – Header
Boven – Header

Onderzoekster Margo van Kemenade over ethische dilemma’s bij invoering van zorgrobots

Eén van de ontwikkelingen die in toenemende mate een rol speelt in de zorgsector, is de opkomst van robottechnologie.

Niet alleen in Japan, ook in West-Europa wordt in de zorgomgeving naar verwachting steeds vaker gebruik gemaakt van robots. Maar wat betekent dit voor zorgmedewerkers? En welke ethische vragen spelen hierbij een rol? Onderzoekster Margo van Kemenade geeft tekst en uitleg. “We moeten er nú over nadenken.”

Robots? Een tijd lang waren dit wezens uit science fiction-films. Maar de tijden zijn veranderd. Nadat robottechnologie zijn intrede deed in innovatieve industriële sectoren als de automotive, is de robot de laatste jaren ook geschikt geworden voor toepassing in andere branches, niet in de laatste plaats in de zorgsector. Hoewel de volledig gerobotiseerde operatiekamer op dit moment nog toekomstmuziek is, zijn er steeds meer robottoepassingen die al wél toegepast kunnen worden in de zorg. Margo van Kemenade weet er alles van. Zij is als onderzoekster verbonden aan onderzoeksgroep SELEMCA van de Vrije Universiteit in Amsterdam en werkt als docente aan de Hogeschool InHolland in Alkmaar. Ze houdt zich hierbij bezig met het onderzoeken van de impact van robottechnologie op zorgmedewerkers. “Ik werk op het grensgebied van zorg en techniek, waarbij ik onder meer de ethische aspecten van nieuwe technologie onderzoek”, vertelt Van Kemenade. “Ik ben vooral geïnteresseerd in de opvatting van zorgmedewerkers: wat vinden zij ‘goede’ zorg en op welke manier kan robottechnologie ingezet worden om die goede zorg te realiseren?”

3 Margo van Kemenade

Autonomie
De onderzoekster noemt diverse voorbeelden van zorgrobots die momenteel al inzetbaar zijn. Zo verwijst ze gedurende het gesprek onder meer naar de ‘zeehondvormige’ robot Paro, die gebruikt kan worden om demente ouderen uit een lethargische toestand te wekken. Ook vertelt Van Kemenade over allerlei mogelijkheden om ouderen met behulp van robottechnologie te monitoren.

“In mijn onderzoek onderscheid ik drie soorten robots”, verduidelijkt ze. “Het gaat om assisterende robots, monitorende robots en gezelschapsrobots. En per type robot kijk ik naar de acceptatie van zorgmedewerkers; welke bezwaren hebben zij per type robot?”

Bij dit onderzoek stuitte Van Kemenade op enkele opvallende uitkomsten. Zo suggereren de uitkomsten dat verplegend personeel met een HBO-achtergrond minder bezwaren ziet dan personeel met een MBO-achtergrond. “Maar misschien nog opvallender is een andere uitkomst”, zegt ze. “Op de vraag welke zorgactiviteit absoluut níet gerobotiseerd mag worden, kwam uit álle focusgroepen hetzelfde antwoord: het wassen. Blijkbaar wordt deze fysieke bezigheid door zorgverleners geassocieerd met ‘échte zorg’. En dat wil men dus niet overlaten aan een machine.”

Opmerkelijk genoeg willen patiënten het wassen juist wél graag laten doen door robots. Want door hen wordt het wassen vaak als vernederend ervaren. Van Kemenade: “Dat heeft waarschijnlijk te maken met een hele primaire emotie: het jezelf wassen is een uiting van autonomie. Wanneer een dier zichzelf niet meer wast, is hij ten dode opgeschreven. Het zou kunnen dat deze primaire emotie ook bij de mens nog steeds herkenbaar is.”

De onderzoekster maakt duidelijk dat de robotisering in de zorg tot allerlei ethische kwesties leidt. “Robots worden vaak als bedreigend ervaren. Dat komt denk ik onder meer door science fiction-films: in dat soort films worden robots eigenlijk altijd als ‘slecht’ voorgesteld. Het draait in die films altijd om de strijd tussen mens en robot – ook in de recente serie ‘Real Humans’ gebeurt dat weer. Het gevoel dat robots bedreigend zijn, zit daardoor diep in ons collectieve geheugen. Maar ik denkt dat je ook op een andere manier naar robots kunt kijken. Behalve bedreigend – of ‘maleficent’ – kunnen robots ook ‘beneficent’ zijn.” Hoe dan ook is robottechnologie een technologie die momenteel beschikbaar is en die steeds meer zal worden toegepast in de zorg. “De zorg verandert ingrijpend”, aldus Van Kemenade. “Daarom is het belangrijk om nú na te denken over de keuzes die we maken. Ik pleit er dan ook voor om op technische opleidingen aandacht te besteden aan ethiek.”

Prothese
De onderzoekster geeft een aantal voorbeelden van ethische dilemma’s die momenteel spelen. Op het gebied van gezelschapsrobots deed Van Kemenade samen met een interdisciplinair team een interessant onderzoek, dat uitmondde in de prijswinnende film ‘Ik ben Alice’. “Deze documentaire volgt drie oudere dames die de robot Alice in huis krijgen. Aan het einde van de film blijkt dat de dames het erg jammer vinden dat Alice weer weg gaat.” De ethische vraag die het gebruik van een gezelschapsrobot als Alice oproept, is of je ouderen eigenlijk wel ‘mag’ opvrolijken met een robot. Er zijn ethici die deze vraag ontkennend beantwoorden. Zij vinden dat patiënten voor de gek gehouden worden omdat de robot ‘niet echt’ is. “Maar betekent dat dan ook dat iemand die een been mist geen prothese mag omdat de prothese niet echt is?”, vraagt Van Kemenade retorisch. “Het is niet eenvoudig om deze vraag te beantwoorden. Bovendien is het mijn ervaring dat normen verschuiven.”

Als illustratie van dit laatste fenomeen verwijst ze naar het voorbeeld van een ‘stervensbegeleidende robot’ die in Japan gebruikt wordt. “Mijn eerste reactie was ‘dat moet je niet willen’. Maar toen ik er langer over nadacht, moest ik mijn oordeel herzien. Want wanneer het alternatief is dat mensen helemaal alleen moeten sterven, is een robot dan niet beter? De robot is misschien niet ‘echt’, maar de gevoelens van de mens die er rustiger door wordt zijn dat natuurlijk wél.”

Niet alleen gezelschapsrobots leiden tot ethische vragen, ook bij assisterende en monitorende robots is dit het geval. “Bij de assisterende robot is men bang voor ‘malfunction’”, zegt ze. “Wanneer een robot is ontwikkeld om iemand te tillen, hoe weet je dan zeker dat de robot de patiënt bijvoorbeeld niet laat vallen?” Bij monitorende robots is men bang dat het menselijk contact helemaal verdwijnt uit de zorg. “Zoals al bleek uit het voorbeeld van het wassen, wordt het ‘echte’ lichamelijke contact erg belangrijk gevonden door zorgmedewerkers. Uit mijn onderzoek blijkt dat zorgmedewerkers daarom erg huiverig zijn om hun monitorende functie op te geven.” Maar tegelijkertijd is er veel voor te zeggen om de monitoring niettemin over te laten aan robots. “Eén van de argumenten van zorgverleners is dat het menselijke contact ze de mogelijkheid biedt om een diagnose te stellen. Maar eigenlijk kan dat veel nauwkeuriger met een robot: wanneer een wasrobot wordt uitgevoerd met een scanmogelijkheid, kan de robot de patiënt tijdens het wassen veel beter analyseren dan een zorgverlener dat ooit zou kunnen.”

Robotlab
Een gesprek met Van Kemenade over de technologische ontwikkelingen de zorg is zeer inspirerend. Door voortdurend met nieuwe voorbeelden en dilemma’s te komen, toont zij aan dat de toepassing van robottechnologie in de zorgsector tot allerlei vragen leidt die beantwoord móeten worden. “Het domste wat we kunnen doen is onze ogen ervoor sluiten”, zegt ze. “Ik werk hier op InHolland op het robotlab. Dat is een totaal andere wereld dan de zorgsector. Ik zie het als mijn missie om die werelden bij elkaar te brengen, zodat de technici snappen welke vragen en behoeftes er spelen in de zorgsector.”

Die missie heeft onder meer zijn weerslag gevonden in het boek ‘Ethiek voor Techniek en ICT’ dat van haar hand verscheen. Daarnaast hoopt zij binnen nu en 2 jaar te promoveren aan de Vrije Universiteit in Amsterdam op haar onderzoek naar de ethische aspecten van zorgrobots. “Dat is een zeer interessant onderzoeksterrein”, vat Van Kemenade het gesprek samen. “Vooral ook omdat de wereld van de zorgrobot voortdurend in beweging is. Zo zie je momenteel dat verschillende functies geïntegreerd worden in één robot. Een gezelschapsrobot kan bijvoorbeeld worden uitgerust met een camera waarmee de patiënt tevens gemonitord kan worden.” De onderzoekster glimlacht. “Ook die ontwikkeling levert weer allerlei ethische dilemma’s op. Want is het wel ethisch verantwoord om een patiënt zonder dat deze het weet te ‘bespieden’ met een gezelschapsrobot?” Dat zijn moeilijke vragen. En dan hebben we het nog niet eens over de voetangels en klemmen die opduiken bij de te verwachten entree van de volledig gerobotiseerde chirurg. Met andere woorden: wordt vervolgd.

Door: Henk-Jan Hoekjen

Dit artikel is eerder in FMT Gezondheidszorg magazine verschenen.

FMT Gezondheidszorg Nieuwsbrief

U wilt op de hoogte blijven van de technologie, wetenschap en innovatieve huisvesting in de zorg. Abonneer u daarom nu gratis op de elektronische nieuwsbrief van FMT Gezondheidszorg.
Name
Email
Secure and Spam free...