AZWA

Op 8 september is het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) ondertekend. Het akkoord, dat bedoeld is als een uitbreiding van het in 2022 gesloten Integraal Zorgakkoord (IZA), moet de samenwerking tussen het sociaal en zorgdomein versterken. Doel is de uitvoering van het IZA te versnellen.

In het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) verbindt een groot aantal maatschappelijke organisaties zich aan een agenda die de komende jaren werkt aan het slechten van de grenzen tussen zorg en welzijn. Dat geïntegreerde systeem moet de focus verleggen van zorg naar gezondheidsbevordering.

Deelnemende partijen zijn ActiZ, De Nederlandse ggz, Federatie Medisch Specialisten, GGD GHOR Nederland, InEen, Landelijke Huisartsenvereniging, MIND, De Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra, Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen, Patiëntenfederatie Nederland, Sociaal Werk Nederland, Vereniging van Nederlandse Gemeenten, Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland, Zelfstandige Klinieken Nederland, Zorgverzekeraars Nederland, en Zorgthuisnl. Bij de totstandkoming van het AZWA waren ook het ministerie van VWS, de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ), de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), de speciaal gezant passende zorg en het Zorginstituut Nederland betrokken.

Lange adem

Evenals het Integraal Zorgakkoord is AZWA niet alleen een richtinggevend beleidskader, maar ook een raamwerk dat financiering regelt voor de plannen en maatregelen. Zo’n nieuwe oriëntatie van het Nederlandse zorgstelsel is een zaak van lange adem. Nog onlangs werd duidelijk dat het Integraal Zorgakkoord van 2022 nog geen eenduidige resultaten heeft opgeleverd op de hoofdlijnen: het leveren van passende zorg, meer regionale oriëntatie en samenwerking, meer zorg naar de eerste lijn en meer hybride zorg. Dat wil niet zeggen dat er niets verandert; de IZA-monitor van het Nivel toont bijvoorbeeld patiënttevredenheid over de eerstelijnszorg als het gaat om toegankelijkheid en de mogelijkheid tot samen beslissen. Een groot deel van de burgers blijkt bovendien open te staan voor het maken van digitale afspraken bij een zorgverlener. Het vooralsnog uitblijven van ‘grote klappers’ in de zorgtransitie laat wel zien dat volharding en geduld nodig zijn voor zo’n fundamentele heroriëntatie.

Versneller

De bedoeling is die ontwikkelingen een boost te geven met dit aanvullende akkoord, dat vooral inzet op samenwerking tussen gemeenten/het sociaal domein en het zorgdomein. De vastgelegde afspraken hebben betrekking op terugdringen van personeelstekorten, passende zorg, wachtlijsten, administratieve lasten, gegevensuitwisseling en inzet van kunstmatige intelligentie.