TNO

Digitalisering is het mantra van beleid om zorgdruk en personeelsproblematiek te lijf te gaan. In de praktijk werkt ongecoördineerde digitalisering niet zelden averechts en ervaren zorgverleners juist een vergroting van hun werkdruk. TNO deed onderzoek in de intramurale langdurige zorg. De rapportage gaat vergezeld van de aanbeveling  om sectorbreed afspraken te maken over interoperabiliteit, want dat is het grootste knelpunt.

Het is een stormachtige ontwikkeling, zeker ook in de caresector: digitale hybride toepassingen om de zorglast voor medewerkers terug te dringen. Denk aan heupairbags, bedsensoren, dwaaldetectoren, slim incontinentiemateriaal, medicatiedispensers, gezelschapsrobots en een keur aan andere technologische oplossingen. Altijd mooie technologie, maar de oplossingen communiceren vaak niet met elkaar en werken vaak niet samen. Het gevolg is dat zorgmedewerkers alerts over één bewoner binnenkrijgen in meerdere apps op verschillende devices. Zij krijgen te maken met een scala aan meldingen en moeten alle zeilen bijzetten om het overzicht te bewaren. In de praktijk raken zorgverleners juist zwaarder belast, zo luidt de bevinding van de TNO-onderzoekers in de intramurale langdurige zorg.

De kern van het probleem: gebrekkige interoperabiliteit

De TNO-studie, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van VWS,  richtte zich op de knelpunten voor het samenvoegen van meldingen en signalen van hybride digitale technologie in de intramurale langdurige zorg.

De gebrekkige interoperabiliteit van de systemen van verschillende leveranciers is het kernprobleem dat werkdrukreductie in de weg staat. Bijkomende factoren zijn verouderde technische infrastructuur en gebrek aan kennis op de werkvloer om systemen die wél kunnen samenwerken goed te integreren.

Naar een integraal cliëntbeeld

Als de kern van het probleem blootgelegd is, is de oplossingsrichting ook helder: we moeten toe naar integratie van technologie. TNO doet de aanbeveling aan het ministerie van VWS toe te werken naar één overzichtelijk digitaal cliëntbeeld, waarin alle data samenkomen. Op die manier werkt technologie wél voor de sector, worden zorgprofessionals daadwerkelijk ontlast en wint de kwaliteit van zorg  ook, want zorgverleners hebben direct een samenhangend beeld van de status van een cliënt.

Een afsprakenstelsel is noodzakelijk om die interoperabiliteit te bewerkstelligen, aldus de onderzoekers. Met een set gedeelde technische en organisatorische afspraken tussen zorginstellingen, leveranciers en service verlenende partijen. Een dergelijk afsprakenstelsel dwingt niet alleen interoperabiliteit af, het reguleert tevens marktwerking en is een impuls voor de verbetering van gebruiksvriendelijkheid. ‘Alleen dan ontstaat een open ecosysteem waarin technologie écht bijdraagt aan betere zorg en lagere werkdruk’ is de conclusie van TNO.

Onderzoeksrapport

Tilleman I.W.M., Schoone-Harmesen M., van Baalen S.J., van den Berg W., van Oosteren C.G.M., Vullings E., Buurman K., Interoperabiliteit van Digitaal Hybride Zorgtoepassingen in de Intramurale Langdurige Zorg, report 2025, TNO, Den Haag

>  Het rapport is de downloaden van de TNO-site.