EHealth heeft een plek in de toekomst van de zorg. Helaas gaat niet alles meteen goed.

Welke lering kunnen we trekken uit de mislukkingen binnen eHealth, zodat we zorgen voor een breed gedragen implementatie?

Henk Herman Nap is senior projectleider en onderzoeker bij Vilans – landelijk kenniscentrum voor de langdurende zorg – en heeft vele jaren ervaring in (inter)nationale eHealth-onderzoeksprojecten. Over hoe belangrijk eHealth in de gezondheidszorg is, zegt hij: “We komen er niet meer onderuit. Onder andere vanwege bezuinigingen, wetten die veranderd zijn, minder handen aan het bed en de dubbele vergrijzing. Slimme technologische oplossingen die mensen ondersteunen, zijn noodzaak geworden. EHealth is daar een onderdeel van.”

Geldkwestie
”In de ouderen- en gehandicaptenzorg zijn we al vijftien jaar bezig met innovatie en onderzoek”, vervolgt Nap. “Er is veel ontwikkeld en getest. Toch gaat de opschaling van eHealth helaas nog mondjesmaat. Het gros van de oplossingen blijft in een pilotfase hangen. Hoe dat komt? Veel eHealth wordt ontwikkeld met behulp van subsidiegeld. Is het geld op, dan stopt ook vaak de pilot en de implementatie. Zorgkantoren kennen nog weinig vergoedingen toe, hoewel dat enigszins in de lift zit. Voor ons doorbraakproject Leefstijlmonitoring in Friesland zijn we bijvoorbeeld in discussie met het zorgkantoor over structurele financiering. Verder zien we dat vooral de consumerkant steeds belangrijker wordt.”

Leren van mislukkingen
Henk Herman Nap: “Regelmatig horen we op congressen over de successen van eHealth-projecten. Zijn ze een jaar later gestrand, dan wordt daar vervolgens weinig meer over gezegd. Wel horen we dan wel weer de verhalen over andere successen van eHealthtoepassingen. Maar waarom delen we niet ook de projecten die niet goed gelopen zijn? Daar kunnen we van leren. Neem het project van ‘de slimme vork’: een vork die meet hoeveel iemand eet. Kijken we naar de reviews, dan blijkt die vork niet handig; te groot, te duur en meting is alleen mogelijk als je de vork op een bepaalde manier vasthoudt. Het product is dus nog niet toepasbaar. Het zou mooi zijn elkaar te blijven informeren over wat er verbeterd kan worden aan deze vork. Maar daar moet wel geld voor zijn.”

(Niet) goed nadenken
“In Nederland en de rest van Europa worden zorgapplicaties en platforms vaak ontwikkeld voor een specifiek doel of een specifieke ziekte of interventie. Dienstenplatforms voor senioren bijvoorbeeld richten zich vaak op de televisie. Simpelweg omdat we ervan uit gaan dat deze groep veel tv kijkt en overweg kan met een afstandsbediening. Maar die aanname is niet meer helemaal van deze tijd. Een grote groep senioren is bekwaam met internet en kan met een iPad om gaan. Bovendien, eHealth op televisie kent een aantal obstakels. Niet alleen de interactie is lastig. Ook de privacy is niet altijd gewaarborgd. Informatie die je via de tv krijgt is voor iedereen in je kamer zichtbaar, dus ook voor het bezoek. Of je kijkt naar je favoriete programma en je krijgt ineens een medicatiereminder. Wil je dit allemaal wel? Daar denken we nog niet genoeg over na.”

Een ander voorbeeld van ‘niet goed nadenken’ gaat over de ontwikkeling van games voor senioren. Nap: “Het is belangrijk dat alle stakeholders erbij betrokken zijn. Een game moet niet alleen goed en toegankelijk zijn, maar ook leuk. Psychologen en ontwikkelaars praten over de ontwikkeling van zo’n game. Halen we er een game developer bij, dan maken we het product ook nog eens aantrekkelijk voor de doelgroep. Uit onderzoek blijkt dat commerciële spelletjes die gewoon op de markt zijn, een groot effect kunnen hebben op cognitie en training bij mensen. We kunnen ons daarom afvragen of het nodig is speciaal voor die doelgroepen applicaties te ontwikkelen. Is het niet beter spelletjes van de plank te halen die al uitgebracht zijn?”

Is validatie dan de sleutel tot succes van een eHealth-product? “Nee”, zegt Henk Herman Nap. “Een aantal jaren geleden wilden zorgaanbieders bij nieuwe eHealth-pilots bewijs hebben dat het product werkt. Grote studies over de implementatie waren het gevolg. Met positieve resultaten en de verwachting was dat opschaling daarna mogelijk was. Maar niets bleek minder waar. Validatie is geen sleutel tot succes.”

Succesvolle eHealth
Samenvattend en aanvullend, waar moeten we rekening mee houden om niet in de valkuilen van eHealth te lopen, maar het juist tot een succes te maken? Henk Herman Nap somt een en ander voor ons op:

Wees eerlijk en volledig in kennisdeling; deel ook fouten en mislukkingen. Waar staan we werkelijk?

 Get the whole picture.

Nap: “De effectiviteit van eHealth is afhankelijk van verschillende factoren, waaronder het draagvlak onder zorgprofessionals, gebruikersvriendelijkheid en ook de interoperabiliteit van de dienst of technologie.”

  • Begrijp het verschil tussen onderzoek en het vermarkten van een product. Schoenmaker blijf bij je leest.
  • Kijk ook naar de huidige eHealth-implementaties en of deze beter zouden kunnen. Innoveer ook in het nu. Nap: “Wijkverpleegkundigen zijn soms uren bezig met de rapportagesoftware die zij gebruiken. Het systeem is best complex. Zomaar een voorbeeld waar een slag mee te slaan is met de huidige systemen.”
  • Begin bij mogelijkheden van de ouder wordende samenleving.

Life long learning and disrupt current practice.

Nap: “Zoals ik al eerder zei, ouderen kunnen veel meer met internet en pc’s dan we vaak denken. Bovendien, ook al ben je ouder, leren kan nog altijd. Dus ook het leren omgaan met een nieuw systeem. Maar dan moeten de voordelen ervan wel duidelijk zijn.”

Focus op zorg en welzijn, maar weet waar het geld naar toe gaat. Nap: “Veel eHealth-technologieën focussen op welzijnsdiensten. Nadeel? De financiering ervoor is lastig. Dus richt je je op welzijn, bedenk dan wel dat het lastig is in deze hoek geld te verdienen.”

Fotobijschrift: Henk Herman Nap is senior projectleider en onderzoeker bij Vilans .

Tekst: Betty Rombout.

Dit artikel is eerder verschenen in FMT Gezondheidszorg editie 1/2016.