corona_shutterstock_1643947495_web_v1.jpg
corona_shutterstock_1643947495_web_v1.jpg

Het kabinet is toch bereid om structureel 177 miljoen euro vrij te maken voor pandemische paraatheid. Daarmee keert de regering terug op zijn eerdere plan om de bezuiniging van 300 miljoen van het kabinet Schoof door te voeren.

Minister Hermans van VWS reageert daarmee op een voorstel van ChristenUnie-leider Bikker, die bij de begrotingsbehandeling aandacht vroeg voor dit onderwerp.

Na de coronapandemie werd tot 300 miljoen euro per jaar gereserveerd voor pandemische paraatheid. Van dat geld worden bijvoorbeeld vaccinvoorraden gevormd, draaiboeken ontwikkeld om de zorg op te schalen, ict-systemen voorbereid om de zorg te kunnen managen en hulpverleners opgeleid.

Zwalkend beleid

Het kabinet-Schoof besloot die uitgaven per 2027 te stoppen. Daar kwam vanuit de zorgsector veel kritiek op; de vrees bestond dat de zorg in geval van een nieuwe pandemie net zo extreem onder druk zou kunnen komen als in 2020 gebeurde bij de Covid-uitbraak. Het nieuwe kabinet had evenwel het voornemen om het bezuinigingsplan door te zetten. De sector kreeg bijval van de Tweede Kamer. Minister Hermans geeft nu dan gehoor aan de oproep van onder anderen kamerlid Mirjam Bikker van de ChristenUnie om de voorbereiding van de zorg op een nieuwe pandemie te blijven faciliteren.

Toedeling middelen

Er gaat 122 miljoen euro naar de aanpak van infectieziekten. Daarmee kunnen de deskundigen bij de GGD’s behouden blijven, kan het RIVM zijn capaciteit voor monitoring van uitbraken (onder meer door rioolwateranalyses) in stand houden en kan 24 miljoen geïnvesteerd worden in een vervangend ICT-systeem bij de GGD’s en RIVM.
Er gaan ook middelen naar de Landelijke Functie Opschaling Infectieziektebestrijding (LFI), die bij een pandemie een landelijke coördinatietaak krijgt, bijvoorbeeld rond testen, vaccineren en bron- en contactonderzoek.