Zorggroep Groningen werkt sinds twee jaar met Marte Meo, een methode om zorgmedewerkers via het analyseren van videobeelden de mogelijkheden en capaciteiten van dementerende ouderen te laten herkennen.
‘Het mooiste is dat zorgmedewerkers zich meer bewust worden hoe ze contact leggen en hoe ze communiceren’, valt te lezen op de website van zorgvoorbeter.nl.
Marte Meo, vrij vertaald ‘op eigen kracht’, is ontwikkeld in de jaren tachtig door pedagoge Maria Aarts. Oorspronkelijk werd de methode vooral gebruikt voor het verbeteren van de communicatie met autistische jongeren, nu wordt Marte Meo, -in veertig landen-, op allerlei doelgroepen toegepast, waaronder dementerende ouderen.
Maar wat het is het nu precies? Susan Hartman-Rappold, psycholoog en een van de twee supervisoren van de methode bij Zorggroep Groningen: ‘Het gaat om inzicht in communicatie en gedrag door het analyseren van videobeelden van de interactie van de medewerker en de cliënt’. De andere supervisor, Marike Wever, afdelingshoofd zorg, heeft de laptop meegenomen want wat de methode inhoudt, kun je het beste zien.
Betere communicatie met dementerende ouderen
Ze toont een video van een mevrouw in bed. Wever: ‘Dit was een cliënt waar het team heel veel moeite mee had,  het was moeilijk contact met haar te krijgen. Vaak waren er twee medewerkers nodig om deze mevrouw te verzorgen.’
De video is gemaakt door een zorgmedewerker die een aantal van de Marte Meo elementen hier toepast. Je ziet de zorgmedewerker oogcontact zoeken, de cliënt aanraken en steeds -in het Gronings- vertellen wat ze gaat doen: pyjama uit doen en de kleren aan. Uiteindelijk doet de cliënt mee. Ze komt meer in een zithouding en doet zelfs de armen omhoog zodat de pyjama uit kan worden getrokken. ‘Kijk’, zegt Hartman-Rappold, ‘we zijn nog geen 1 minuut 23 seconden verder. We krijgen vaak de opmerking “we hebben zo weinig tijd”, maar je ziet dat beter contact maken helemaal niet veel tijd kost.’
Belangrijk uitgangspunt van de methode is cliënten zoveel mogelijk stimuleren wat ze nog wel kunnen. Een andere video laat zien hoe een cliënt de andere pap geeft. Wever: ‘Deze cliënt wil graag helpen, ze was ook graag zelf verpleegkundige geworden. En je ziet dat ze het goed kan, ze is rustig, wacht mooi.’
De video’s Goed in gesprek laten ook goed zien dat je betere zorg kunt verlenen door écht contact te maken zonder te haasten. Bijvoorbeeld de video ‘Neem de tijd’.
Op de video is wel eng
Zorgmedewerkers die de basiscursus doen, maken voor elke scholingsdag een of meer video’s. Wever: ‘Eerst is dat eng, want je gaat jezelf zien en dat is wennen.’ Belangrijk is ook dat de methode vooral inzoomt op wat goed gaat. Wever: ‘Medewerkers denken vaak “ojee, nu horen we wat we allemaal fout doen”.’ Hartman-Rappold: ‘Dat doen we juist niet, we kijken naar wat goed gaat, en we kijken vooral naar kleine stapjes hoe het beter kan.’
Hoe leg je oogcontact?
Hoe dat gaat toont een derde video. Daarin bekijkt een leerling-zorgmedewerker samen met een cliënt met dementie haar fotoboek. Hartman-Rappold: ‘Kijk: de afstand tot de cliënt is goed, ze zit gericht naar haar toe.’ Maar de leerling stelt bij de eerste opname ook te veel vragen waardoor de cliënt zichtbaar in verlegenheid komt. In de tweede opname zien we de leerling meer de antwoorden van de vrouw herhalen en wordt het contact beter, zeker als de leerling haar vrolijk weet te maken met een klein grapje.
Hartman-Rappold:  ‘Het gaat om hele basale dingen. Hoe leg je oogcontact? Hoe is je houding?  Moet je je tempo aanpassen? We doen het stap voor stap en het hoeft niet meteen perfect. Je ziet dat kleine veranderingen in het gedrag van de verzorgenden grote positieve veranderingen in het gedrag van de cliënt te weeg kunnen brengen.’
Bron: zorgvoorbeter.nl
Foto: zorgvoorbeter.nl
Fotobijschrift: Marike Wever en Susan Hartman