zorgverlener overlegt met patiënt
Foto: Pexels.com / Mart Production

Zorgverleners zouden meer betrokken moeten zijn bij digitale innovaties. Dat zeggen onderzoekers van het Rathenau Instituut in hun rapport ‘Voorbij de zorg-app’. Alleen door betrokkenheid in alle fases (van ontwikkeling tot brede uitrol) kunnen digitale innovaties daadwerkelijk knelpunten in de zorg oplossen.


De onderzoekers constateren tegelijkertijd dat de nadruk bij digitale innovatie nu vaak eenzijdig op technologische aspecten ligt. Hierdoor blijft de impact van digitale innovaties in de zorg vaak kleiner dan gewenst.

Doel van het onderzoek

“Om maatschappelijke uitdagingen het hoofd te bieden, zijn de ogen vaak gericht op technologie. Uit eerder onderzoek van ons instituut blijkt dat technologische innovatie vooral effectief is als deze samengaat met een vernieuwing van sociale relaties, organisatiestructuren en regelgeving,” schrijft het onderzoeksinstituut. “Toch wordt in de gezondheidszorg vaak met een smalle blik naar technologische innovatie gekeken. Wij wilden weten welke handelingsopties er zijn om de potentie van digitale zorginnovaties beter te benutten” aldus de onderzoekers.

 

Niet ingebed

Beleidsmakers bij de overheid verwachten veel van digitale innovaties als manier om de grote uitdagingen in de zorg aan te pakken. Maar de resultaten van dit soort technologische oplossingen voor de genoemde problemen vallen tegen, constateren de onderzoekers. “Een belangrijke reden daarvoor is de beperkte inbedding van digitale innovaties in de zorgpraktijk. Omdat het zorgsysteem zo sterk gereguleerd is, en zo complex, heterogeen en gefragmenteerd, is een goede inbedding van zorginnovaties allerminst vanzelfsprekend.”

Sociale innovatie

Een digitale innovatie moet niet alleen technologisch goed werken en aangesloten worden op bestaande ICT-systemen en infrastructuren, maar ook onderdeel worden van de routines van zorgverleners. Protocollen moeten worden aangepast en de innovaties moeten passen binnen regelgeving en standaarden. Daarnaast is een werkend verdienmodel belangrijk. Bovendien moeten gebruikers van de digitale innovatie, zorgverleners en hun patiënten, de innovatie ook accepteren en verwelkomen. “Technologische innovatie gaat daarom hand in hand met sociale innovatie” aldus de onderzoekers.

Inbreng zorgmedewerkers

Er is een breed scala aan kennis en expertise nodig, afkomstig van mensen en organisaties die hierover kennis en expertise hebben. Twee case studies laten zien dat zorgprofessionals verschillende rollen spelen in alle fases van het innovatieproces (innovatie-idee, ontwikkel- en testfase, (eerste) toepassing in de praktijk, doorontwikkeling en opschaling). Het vroegtijdig betrekken van zorgprofessionals zorgde in de casestudies voor vroegtijdige aandacht voor met name de socio-culturele dimensie van inbedding: willen gebruikers en patiënten of cliënten het wel, sluit het aan bij hun wensen, verwachtingen en routinesÀ Dit resulteert in digitale innovaties die goed aansluiten bij het dagelijks werk van zorgprofessionals en de wensen en behoeften van patiënten of cliënten. Zorgverleners helpen mee met nadenken over vragen als: welke ondersteuning is noodzakelijkÀ Hoe worden de taken verdeeldÀ Wie heeft welke verantwoordelijkheid?

Conclusies

De onderzoekers trekken drie hoofdconclusies.

  • Zorgverleners kunnen in alle fasen van een innovatietraject bijdragen aan een goede inbedding van digitale innovaties in de zorg.
  • Het zorgsysteem is complex en moeilijk toegankelijk voor externe partijen die digitale technologische innovaties willen ontwikkelen. Het betrekken van zorgverleners is een goede manier om de weg te vinden.
  • Het zorgsysteem bestaat uit veel verschillende zorgpraktijken die onderling sterk kunnen verschillen. Dat maakt (snelle) opschaling van digitale zorginnovaties vaak lastig. Zorgverleners hebben daarom ook in de opschalingsfase een belangrijke rol als gids.

Rathenau adviseert zorginstellingen om ruimte te creëren voor betrokkenheid van zorgverleners bij innovatie. Vanuit politiek en beleid moet hiervoor dan ook financiële ondersteuning komen. Het Rathenau instituut heeft aangekondigd verder te gaan met dit onderzoek.

Bron: Nieuwsbericht Rathenau / FMT