
Sinds 16 december, krijgen patiënten die voor een CT-scan met contrastvloeistof in Rijnstate zijn geweest, van de afdeling Radiologie en Nucleaire Geneeskunde vier plaszakken mee. Kort na een onderzoek scheidt het lichaam de contrastvloeistof zo snel mogelijk uit, via urine. Door in de plaszak te plassen, voorkomen we dat de jodiumhoudende vloeistof uit het contrastmiddel in het milieu terecht komt.
Contrastvloeistoffen zijn schadelijk voor het watersysteem. Ze passeren namelijk vrijwel ongehinderd de afvalwaterzuivering. Doordat ze ook nog eens slecht afbreken, bestaat de kans op ophopen in het milieu. De plaszak zorgt ervoor dat de urine opgevangen wordt, en het water niet bevuild raakt.
Hoe werkt het?
Na het onderzoek op de afdeling Radiologie en Nucleaire Geneeskunde van Rijnstate krijgt een patiënt vier plaszakken mee naar huis. Voor elke keer plassen gebruikt de patiënt een nieuwe zak. De urine wordt meteen opgenomen door de korrels in de zak, waardoor er niets uit kan lekken. Daarna gooit de patiënt de zak bij het restafval. Na vier keer plassen is de contrastvloeistof vrijwel helemaal uit het lichaam verdwenen.
De grootste groep patiënten die een CT-scan krijgen met gebruik van contrastvloeistof zijn patiënten die in Rijnstate op een van de poliklinieken komen. Rijnstate biedt hen nu op elke locatie – Arnhem, Elst en Zevenaar – een plaszak aan. Patiënten kiezen zelf of ze daarvan gebruik willen maken.
Volgend jaar bekijkt het ziekenhuis of het de plaszak ook kan inzetten bij patiënten die opgenomen zijn op een van de verpleegafdelingen.









