Door de oorlog heeft Oekraïne een schreeuwend tekort aan medische producten en apparatuur. Met de hulp van de Nederlandse zorgsector zet Stichting Aid to Ukraine zich in om de nood te lenigen. Wat begon met rondbellen en zelf goederen inzamelen en wegbrengen, groeide uit naar een bevlogen organisatie met een gesmeerde logistiek.
“Natuurlijk had ik thuis op mijn warme bank kunnen blijven zitten om alles op tv te volgen, maar niets doen was voor mij geen optie”, zegt Niels Hatzmann. “Ik ben iemand die mee wil doen en niet van de zijlijn blijft roepen”, vult Ron Roozendaal aan. “Ik wil iets toevoegen aan maatschappelijke opgaven. Dat doe ik al mijn hele leven.” De twee zijn bestuurslid van de stichting Aid to Ukraine. Met een specifiek doel: de dringend nodige medische spullen en apparatuur naar het Oost-Europese land brengen dat al twee en een half jaar in een ingrijpende oorlog is verwikkeld met agressor Rusland.
Hatzmann en Roozendaal kennen elkaar uit de coronatijd. Roozendaal was directeur Informatiebeleid op het ministerie van VWS. Hatzmann was een van tientallen ICT-experts die van buitenaf meewerkten aan de ontwikkeling van digitale hulpmiddelen, zoals de CoronaMelder-app. Hatzmann ging al kort na de Russische inval regelmatig naar Oekraïne. Als groot fan van de autorally-sport heeft hij veel contacten in Oost-Europa. “Ik kwam iemand uit Oekraïne tegen, die vertelde dat er een enorme behoefte is aan terreinwagens om gewonden van het front te vervoeren.” Via de bevriende garage Bas4Cars is Hatzmann gereviseerde Landrovers gaan regelen. “Vanwege de milieuzones worden nu veel oude Landrovers op diesel afgedankt. Daar kan Oekraïne dankbaar gebruik van maken.”
Zorgsysteem
Van het een kwam het ander. Ook de vraag naar medische producten en apparatuur bleek ontzettend groot. “Door de oorlog is het zorgsysteem er totaal overbelast. Aan alles is een schreeuwend tekort”, legt Roozendaal uit. “Zo kunnen ziekenhuizen heel moeilijk aan laparascopische instrumenten komen. Mijn vrouw is kinderoncoloog en kent de medische wereld. Zij is toen een rondje gaan bellen. Op die hands-on manier proberen we de tekorten in te vullen. We hangen veel aan de telefoon en zijn vaak op pad. Zo ontstaan er steeds nieuwe netwerken van aanbieders. Elke keer komt er weer wat uit. Zo werken ambulanceposten blijvend mee met een onvoorwaardelijk commitment. Dat is hartverwarmend.”
Ook Roozendaal is al zeven keer naar Oekraïne gereden. “Inmiddels gaat het om veel transporten. Het is dus niet zo dat we er zelf telkens naartoe rijden. Er zijn altijd wel bedrijven die die kant op gaan. We regelen het zo dat zij ook pallets met onze spullen meenemen.” Zo was er een bloemist in Aalsmeer die meteen zijn hulp aanbood. Dit bedrijf stuurt bijna dagelijks transporten naar Oost-Europa en had ruimte over in zijn vrachtwagens. “We sturen niet zomaar goederen die kant uit”, benadrukt Hatzmann, “maar vragen gericht wat er nodig is. De mensen daar weten hoe de situatie is en waar op dat moment behoefte aan is. De spullen gaan direct naar de eindgebruiker. Via ons netwerk van hulporganisaties daar zorgen we ervoor dat alles op de juiste plek aankomt.”
Grootschalig
De begin september opgerichte stichting is de bevestiging van de spontane reeks hulpacties die de afgelopen twee jaar op touw zijn gezet. “We deden alles op persoonlijke titel, maar het werd te grootschalig.
‘Ik ben iemand die mee wil doen en niet van de zijlijn blijft roepen’
Om structureel met donoren en sponsoren aan de slag te gaan, was het de hoogste tijd voor een professionele entiteit. Als je zoiets doet, moet je het goed doen”, verklaart Roozendaal. De sabbatical die hij begin van dit jaar genomen heeft biedt hem de ruimte om zich op het werk van de stichting te storten.
Inmiddels zijn er al zo’n 200 auto’s met spullen naar Oekraïne gegaan, naast een tiental volle vrachtwagens. Nog los van de vele pallets met hulpgoederen die met de transporten van sponsoren mee zijn gegaan. “Ten opzichte van wat er nodig is, voelt dit als een druppel. Gelukkig zijn er veel organisaties die zich voor Oekraïne inzetten.”
Voldoening
Sponsor van het eerste uur is Almeva, een groothandel voor eerstehulpartikelen. “De stichting benaderde ons voor kabels en verbruiksmaterialen”, vertelt directeur Ruben Hoogenberg. “Sindsdien zijn we in contact gebleven. We vinden dit een geweldig initiatief. Het is te loven dat zij er zoveel tijd, energie en eigen geld in steken en dat ze ook zelf materialen zijn gaan brengen.”
Omdat Almeva bijna driekwart van alle ambulancediensten in Nederland bevoorraadt, heeft het bedrijf veel contacten en komen er veel materialen retour, bijvoorbeeld als ze over de datum zijn. “Hier mag het dan niet meer gebruikt of verkocht worden, maar daar kunnen ze het nog heel goed gebruiken. Het geeft veel voldoening dat we de mensen daar kunnen helpen”, zegt Hoogenberg. Het bedrijf heeft bij al zijn relaties kratten neergezet, waar zij zorgproducten voor Oekraïne in kunnen doen.
Doneer nu!
Stichting Aid to Ukraine roept de Nederlandse zorgsector op om gericht goederen te doneren die dringend nodig zijn in Oekraïne. Niet alleen medische producten en apparatuur en terreinwagens, ook generatoren (voor de kapotgeschoten stroomvoorziening) en communicatieapparatuur zijn er zeer welkom.
Meer informatie: https://aidtoukraine.nl.
Hoe gaat het nu verder met de hulpacties? “De belangstelling voor de oorlog is wat aan het wegzakken door het conflict in het Midden-Oosten”, vertelt Roozendaal. “Ik gebruik mijn netwerk in de zorg om iedereen scherp te houden. We blijven aandringen om bij te dragen.” De mensen daar verdienen het, beklemtoont Hatzmann. “De Oekraïners zijn vastberaden om het hoofd boven water te houden. De mensen zijn weerbaar, maar er is ook veel angst. De situatie blijft zorgwekkend. Dus alles wat we vanuit Nederland kunnen doen, is daar welkom.”










