Ook als je slechtziend of blind bent, ligt eenzaamheid op de loer. Via Koninklijke Visio kwam Hans (68) in contact met Buddy Netwerk en ontmoette John.
Samen zijn zij op zoek gegaan naar passende antwoorden in Hans zijn leven met slechtziendheid  #samentegeneenzaamheid
Van 24 september tot 3 oktober is het “de week tegen eenzaamheid”. Het is een campagneweek om aandacht te generen voor eenzaamheid en wat je daaraan kunt doen. “Kom erbij en verbind” is het thema van dit jaar. Verbinding maken begint al bij jezelf. Want bij eenzaamheid voel je het gemis van verbondenheid met anderen. Je kunt er wat aan doen. Bijvoorbeeld door te proberen nieuwe contacten aan te gaan. Of door bestaande contacten te verbeteren. Een mooi voorbeeld zijn, de zeer slechtziende, Hans Tijssen en zijn (ex-)buddy John Batteram.

Hans Tijssen is 68 jaar en nog werkzaam als activiteitenbegeleider voor verstandelijk beperkte mensen als hij slechter gaat zien. “Het vocht hè, de oogboldruk. Als ik naar je toe kijk zie ik alles in de mist. Mijn rechteroog ziet helemaal niets. Dus ik moet het hebben van mijn linkeroog en dan vanuit de hoek en dat wordt steeds minder.” Dat dit juist vooral de laatste tijd het geval is, maakt dat Tijssen vermoedt dat hij binnen twee maanden misschien wel niets meer ziet. Inmiddels is hij niet meer werkzaam en vult hij zijn dagen onder meer met een speciale dagbesteding voor slechtziende en blinde mensen en het luisteren van elpees.
 
John Batteram is 60 jaar, goedziend en werkzaam als coach/trainer. Naast zijn werk en drukke sociale leven vindt hij het belangrijk om dienstbaar te zijn; te helpen waar kan. “Er zijn grote groepen mensen die in deze tijd veel behoefte hebben aan contact, of dat nu chronisch zieken zijn of mensen die eenzaam zijn. We leven een beetje in de ik-maatschappij, ik denk dat dit de behoefte aan meer verdieping, een een-op-een contact vergroot”.
Beiden komen in 2014 met elkaar in contact via “De zachte landing”, een samenwerking van Koninklijke Visio en Buddy Netwerk, waarbij het doel is om slechtziende of blinde mensen in contact te brengen met een buddy (vrijwilliger) die hen gedurende een of twee jaar ondersteunt door bijvoorbeeld een luisterend oor te bieden en dingen samen te ondernemen die (nog) wel kunnen.
Het was een afdelingshoofd die Tijssen wees op de revalidatiemogelijkheden van Visio. Hij kreeg advies over hulpmiddelen, leerde er weer schilderen en met een taststok te lopen. Het progressieve verloop van zijn visuele aandoening maakt dat Tijssen zich steeds weer aan een nieuwe situatie moet aanpassen. “De grote leesloep heb ik teruggegeven, ik gebruik nu een voorleesscanner en ook ben ik bezig geweest om een computer met spraakmodule aan te schaffen”. Het schilderen heeft hij inmiddels moeten opgeven. Met hulpmiddelen en training kun je iemand een heel stuk op weg helpen, beaamt hij, maar dit doorvoeren in je dagelijkse bestaan lukt niet altijd even makkelijk.
De ambulant woonbegeleider van Visio, die hem wekelijks bezoekt om onder meer te ondersteunen bij de administratie, signaleerde bij Tijssen juist op dat gebied de behoefte aan iets extra’s. “Je kunt niet meedoen met alles en voelt je soms ongemakkelijk, dit vormt een drempel bij het aangaan van contact of het ondernemen van activiteit, zoals uit eten gaan”, zegt hij er zelf over.
De gedeelde passie voor boeken, toneel en kunst vormde een van de redenen om Tijssen en Batteram te ‘matchen’ als maatje/buddy. De periode die na de eerste kennismaking volgde bestond uit aftasten, elkaar leren kennen en ook leren over wat slechtziendheid inhoudt. Wat kan wel? “Ik denk dat wij vanaf het begin af aan zijn gaan verkennen wat we nog samen kunnen doen. Ik heb je wel gepusht om in beweging te komen” zegt Batteram. Tijssen nuanceert: “John zei niet van: ‘nu moet je mee’. Altijd alles was in samenspraak.” Batteram vult aan: “Ik weet precies wat Hans bedoelt. Als we samen buiten lopen dan ga ik hem niet bij zijn schouders vasthouden en duwen ofzo. En ik ga ook niet zeggen: nu kunnen we oversteken Hans”.
Een leidraad om mensen weer op weg te helpen en hen weer in de grote zelfstandigheid hun eigen leven kunnen laten leiden is de presentiebenadering. “Als je de documentatiemappen van Buddy Netwerk doorbladert komt het woord presentie sterk naar voren. En daarmee wordt bedoeld dat je aanwezig moet zijn als buddy en je moet verplaatsen in je maatje. Luisteren en niet te snel het gesprek overnemen of je eigen conclusies trekken” legt Batteram uit. Waarom dat zo belangrijk is? Tijssen is resoluut: “Je blijft nog steeds jezelf. Je bepaalt zelf welke kant je op gaat, maar dan net even met dat beetje extra gevoel van veiligheid.” Later omschrijft Tijssen deze manier als ‘op een positieve manier laten aanmodderen’.
Dat beide heren leren en elkaar inspireren tijdens de contacten komt sterk naar voren. “Het is niet zo dat ik mij de gever voel, de ander de ontvanger, het gaat heen en weer. Echt een dialoog, een gelijkwaardig geheel en dat is een mooi gegeven.” stelt Batteram.
Er is veel ondernomen. Van kleding en meubels kopen tot naar een schildercursus op de Badhuisweg gaan. Naar het museum gaan is niet gelukt. “Ik wil zoveel mogelijk zien met mijn handen, helaas liet mijn gezondheid een museumbezoek niet toe. Ik ga inmiddels wel alleen, omdat het nu veilig is, naar de dagopvang. Ik loop zelf drie gangen door, dat doe ik blindelings.” Dit vertrouwen heeft Tijssen verkregen uit het contact met zijn buddy.
Batteram daarentegen ontdekte een nieuwe wereld die hem verwonderde. “Ik vond dit een heel leuk traject omdat het een hele nieuwe wereld is, die je langzaam maar zeker begint te ontdekken en begrijpen. En je ook weer iedere keer laat verwonderen. Neem nu pinnen. Ik weet nu ook dat er puntjes op die knopjes zitten. Kleine details die ik niet wist, waarvan ik denk: goh leuk, wat bijzonder. En ook de hulpmiddelen die gebruikt worden. Het kan allemaal! Mede dankzij Visio heb ik ook een veel breder begrip en besef van wat blind- of slechtziendheid inhoudt.”
“John is rustig, niet van ‘hier ben ik en ik ben je buddy’. Hij heeft mij op een positieve manier laten aanmodderen. Hij zegt niet ‘zal ik dit even doen, zal ik zo even doen’? Hij heeft nog geen kopje thee zelf ingeschonken! Een gevoel van eigenwaarde, dat geeft dat. En ik kijk uit  de vrijdag dat hij er weer is; een stabiele factor.”
“Ik vind Hans zijn positiviteit en wil en kunde om er iets van te maken heel bijzonder. Ik probeer me in zijn situatie te verplaatsen: het zal je toch maar gebeuren. Tot tien jaar geleden stond je nog volop in het leven en ineens gaat je gezichtsvermogen achteruit en nu ineens keihard. Hij is 68, met een beetje geluk nog 30 jaar te gaan. Dus dat triggert mij enorm. Er op zo’n manier mee omgaan, dat vind ik heel positief, heel sterk en mooi.”
Eenzaamheid heeft Tijssen nooit echt gekend. “Ik hoorde dat pas voor het eerst toen ik bij dagopvang kwam, de blinden en slechtzienden daar spraken constant over eenzaamheid en depressies.” Het verlies van dierbare familieleden maakte wel dat zijn netwerk uitdunde. Hij pleit er dan ook voor om de kracht van buddy’s te blijven uitdragen. “Er zijn mensen die zeggen dat ze niemand over de vloer willen. En dat is echt ten nadele van jezelf” vindt Tijssen. Sinds het contact gaat hij makkelijker met iemand mee, heeft hij vertrouwen. Batteram tegen Tijssen: “Je bent ook wel dingen gaan durven, want je moest na je (hart)operatie regelmatig voor controle naar het ziekenhuis. En dat regelde je mooi zelf! Je bestelde een taxibusje, je werd afgezet en dan sprak jij iemand aan en werd je geholpen.” Dat is iets waar Tijssen inderdaad best trots op is: “Ik ben alleen gegaan! Dit is me toch mooi gelukt, dacht ik toen ik thuis kwam. Durven, een overwinning.”
Dat hun buddy-maatje traject er na anderhalf jaar op zit vinden beiden jammer. “Het was niet gemakkelijk om een behoorlijke draai aan het leven van Hans te geven en hem bijvoorbeeld met andere mensen of activiteiten in aanraking te brengen. Zijn (bijna) blindheid is daar debet aan.” Dit stellen beiden in hun eigen evaluatie.
Bij de vraag aan Tijssen hoe hij anders invulling gaat geven aan de tijd die hij met Batteram doorbracht en wat hij heeft geleerd komt hij met een aantal praktische zaken: zoals het uitbreiden of aanpassen van hulpmiddelen en vaardigheden maar ook uitdagende initiatieven. “
Op drie hoog woont een blinde meneer en die speelt piano en gitaar, dat hoorde ik via mijn thuishulp. Ik wil met deze man gaan praten om te bekijken of ik hem misschien warm kan maken voor de dagopvang.” Batteram: “Dit is wat je als buddy, naast gezelligheid, ervoor terug krijgt. Je ziet gewoon dat het werkt. Het heeft zin. Je ziet dat er dingen gebeuren en veranderen bij je maatje; stappen zet die hij misschien daarvoor minder makkelijk zette.” Daarmee hoopt hij ook anderen te inspireren om buddy te worden.
Hoe Tijssen de toekomst ziet? “Het zal niet altijd makkelijk zijn, maar er is altijd wat te doen.” Batteram deelt dit vertrouwen: “Hij heeft vanaf het begin af aan zijn blikveld willen verruimen en daar zijn grote en kleine voorbeelden van. Van de vraag stellen: ‘Zullen we samen kleren kopen’ tot naar de haven gaan om een visje te eten. En zo zijn er allemaal bewijzen dat Hans zo goed mogelijk probeert te accepteren waar hij in zit. En toch ook wel kan zeggen: maar wat kan ik nog wel.”
Ondanks dat de Buddy Netwerk begeleidingsperiode nu is afgerond spreken de heren met elkaar af om contact te blijven houden.