Het lijkt een paradox, maar niet voor het Erasmus MC, dat hard op weg is om zijn ambities op het vlak van het welzijn van patiënten, bezoekers en personeel te realiseren. Al in een vroeg stadium werden de mogelijkheden verkend. Resultaat: een complex met cachet.

Liesbeth van Heel, programmasecretaris voor de nieuwbouw bij het Erasmus MC en al sinds 1999 betrokken bij het project, herinnert zich het begin. “Voor het nieuwe ziekenhuis moesten we veel infrastructuur omleggen en liet besluitvorming lang op zich wachten. Die tijd hebben we benut om ons te oriënteren op het thema healing environment. In samenwerking met de gemeente hebben we een boekje gemaakt over gezond en duurzaam bouwen op stedenbouwkundig en gebouwniveau”, vertelt ze.

Bij deze ontwerpnotities werden allerlei partijen betrokken, van GGD tot patiënten en architect, en kwamen ook de verschillende veiligheidsniveaus aan bod, zoals infectiepreventie, stralingsniveaus en elektriciteit. “Onze ambitie was in te zetten op verschillende elementen van een healing environment, uiteenlopend van autonomie van de patiënt, sfeer & identiteit, binnenklimaat en toegankelijkheid tot daglicht en oriëntatie. We wilden heel ver afkomen van de ontstane situatie, een doolhof van losse gebouwen, en toe naar een gebouw dat zichzelf veel meer laat lezen”, verklaart Van Heel. “Groen was onderdeel van de plannen, hoewel we niet direct in de gaten hadden hoe krachtig dat kan zijn.”

Landschappelijke kwaliteit
Mede uit oogpunt van duurzaamheid viel het besluit om in het centrum te blijven. “Vaak wordt gekozen voor een greenfield [braakliggend stuk land, red.] situatie, maar dat zou veel extra verkeers- en transportbewegingen met zich meebrengen. We hebben hier een toekomstbestendige zorginfrastructuur en goede OV-verbindingen”, stelt Van Heel. Cor Geluk, directeur van Juurlink+Geluk, bureau voor stedenbouw en landschap, sluit zich bij haar aan: “De stap om in het centrum te blijven, is echt duurzame keuze nummer 1 geweest. Het Erasmus MC is geen in zichzelf gekeerd complex, maar gaat met de grotere structuren de verbinding aan met de stad.”

De nabijheid van het Park (bij de Euromast) en het Museumpark was voor Van Heel een uitnodiging om de landschappelijke kwaliteit van die omgeving ook naar het Erasmus MC te brengen, zo diep mogelijk het gebouw in. “Dat was soms lastig met het oog op infectiepreventie en patiëntveiligheid. Daarom is bijvoorbeeld de watertafel in verband met legionellagevaar buiten geplaatst.” Ook Willemineke Hammer, partner van EGM en projectarchitect voor Erasmus MC, bracht in het ontwerp zo veel mogelijk ‘buiten’ naar ‘binnen’. “Door te werken met atria en de raakvlakken van de entrees en de stad te benutten, loopt de landschappelijke component door in het complex.”

In het ontwerp van EGM worden de ambities op het vlak van healing environment vertaald in een helende omgeving en goede werkplekken. “De gebruiker stond daarbij steeds centraal, met stressreductie als belangrijke doelstelling. Dat vertaalt zich bijvoorbeeld in een vanzelfsprekende bewegwijzering, een afwisselende omgeving met arcades, atria en winkels. Maar ook in een glazen dak voor zo veel mogelijk daglicht en in patiënten de mogelijkheid geven hun omgeving te beïnvloeden, bijvoorbeeld dat ze zelf een raam kunnen openzetten.”

Gemengde doelgroepen
Geluk wijst op de diverse stromen en routes in het complex. “Studenten die vanuit de metro naar het Onderwijscentrum lopen, medewerkers, bezoekers vanuit de parkeergarage. Die menging van doelgroepen is kenmerkend voor het complex, waardoor het niet overkomt als een ziekenhuis. We hebben gekeken wat van de stad en wat van het ziekenhuis is en een aantal niveaus benoemd. En vervolgens logistieke, publieke en medische stromen bewust gescheiden”, zegt hij. “Het voorplein met de ontvangstruimte is het meest publiek. Daar hebben we binnen een aantal plekken aan gekoppeld met een semi-buitenklimaat. Het atrium heeft een andere, meer intieme sfeer dan het voorplein, omdat de functie anders is. Op het voorplein zet je iemand af, in de atria verblijf je voor een afspraak, een kopje koffie of overleg. De Passage met de retailplint geeft de publieke ruimte structuur.” Hammer benoemt het just in time principe: “We hebben alle wachtruimten als het ware verzameld in één publiek gebied, een veel kwalitatievere en ruimtelijker omgeving. Daar kunnen patiënten plezierig verblijven tot vlak voor hun afspraak of tussen afspraken in.”

Juurlink+Geluk bedachten ook daktuinen op de achtste verdieping, waar de kliniek is gesitueerd. Geluk: “Als je uit het raam kijkt, zie je naast de stedelijke omgeving ook groen. We hebben gekozen voor een boomgaard, dat geeft een beschutter idee dan alleen gras.” Van Heel is er content mee: “Je tilt als het ware het maaiveld op en geeft patiënten het gevoel dat het gebouw minder groot is omdat ze vanuit de daktuin nog maar vijf verdiepingen zien – niet de andere zeven verdiepingen eronder. En voor patiënten die langer in het ziekenhuis verblijven, zijn de daktuinen aansluitend aan de kliniek een uitkomst, dan kunnen ze eerder naar buiten.”

Synergie
De gedachte achter healing environment is dat de patiënt sneller geneest in een groene leefomgeving. “Het heeft te maken met kracht teruggeven als mensen kwetsbaar zijn. Dat kan door een raam aan het eind van de gang, dat uitzicht biedt op de stad, groen, de lucht. Een verbinding met de plek waar je bent, die je bioritme ondersteunt en afleiding biedt”, aldus Hammer. Een hypothese die Van Heel de komende tijd gaat toetsen. “Klopt het inderdaad dat patiënten met uitzicht op groene daken sneller herstellen dan patiënten die tegen een gebouw aankijken? Is een saai uitzicht minder bevorderlijk dan uitzicht op de skyline van Rotterdam? En helpt het om patiënten een eigen plek te geven, hoog in het gebouw en weg van alle reuring beneden?”

Ontwerpen is één, maar hoe maak je zo’n complex groen? Geluk: “Voor een binnen-buitenklimaat heb je kamerplanten nodig, maar dan op grote schaal. We hebben een concept met bamboe neergelegd en hier andere soorten aan toegevoegd om biodiversiteit te creëren.” Van Heel stelt dat het Erasmus MC in deze ambitie de nodige risico’s heeft genomen. “Grote ruimten van 12 meter breed en hoog, beschutte aanlandplekken voor toevallige ontmoetingen, gaat bamboe wel werken, hoe loopt het met die mix van doelgroepen?”, zegt ze. “En in de stuurgroep Nieuwbouw vroegen artsen zich af of we daar nu geld aan moesten uitgeven. Het mooie was dat toen het publieke gebied in 2014 openging, het meteen gebruikt werd zoals we het bedoeld hadden. Vanaf dag 1 zaten mensen er met een laptop, werd er een verjaardag gevierd met familie.” Hammer: “Onze samenwerking heeft uiteindelijk een synergie opgeleverd, die het cachet van het complex heeft verhoogd.”

Lees onze special over het nieuwe Erasmus MC.

Tekst: Wilma Schreiber

Foto: Erasmus MC

Bron: FMT Gezondheidszorg