Aan- en verbouw van de woning om langer thuis te kunnen blijven wonen is voor de meeste senioren te duur, blijkt uit onderzoek dat thyssenkrupp Encasa in samenwerking met Zembro en ANBO heeft uitgevoerd. Senioren blijken een sterke voorkeur te hebben voor andere oplossingen om langer thuis te blijven wonen, zoals mobiliteitsoplossingen, thuiszorg of huishoudelijke hulp. Net als in 2014, toen het onderzoek voor het eerst werd uitgevoerd, gaven zo’n 11.000 respondenten van 50 jaar en ouder antwoord op vragen over gezondheid, langer thuis wonen en de daarvoor benodigde hulpmiddelen.

Senioren geven aan dat voor een comfortabel bestaan thuiszorg, huishoudelijke hulp en mobiliteitsoplossingen zoals een traplift, de belangrijkste oplossingen zijn. De noodzaak van dergelijke oplossingen is in de afgelopen jaren veel groter geworden, omdat senioren door veranderingen in de wetgeving pas veel later in aanmerking komen voor een zorginstelling en dus langer thuis moeten blijven wonen.

Ongeveer de helft (47%) van de senioren vindt de huidige woning niet geschikt om in de toekomst te blijven wonen. Toch blijken senioren nog niet volledig op de hoogte van de relevante hulpmiddelen, of zelfs geen kennis te hebben van de veranderingen in de wetgeving. In 2014 bleek dat nog geen 30% van de respondenten kennis van die veranderingen had, waardoor er toen serieus werk aan de winkel was om mensen beter te informeren.

Nu, drie jaar later, laat die kennis nog steeds flink te wensen over. Slechts 35% van de senioren zegt goed op de hoogte te zijn van wat de veranderingen in de wetgeving voor hen betekenen. Opvallend is dat ruim 70% aangeeft inzicht te willen hebben in de mogelijkheden om langer thuis te wonen, maar dat nog geen 10% actief op zoek is gegaan naar informatie.

Rol van de fabrikant
De informatievoorziening over oplossingen om langer thuis te blijven wonen zou meer aandacht moeten krijgen, is de conclusie van de onderzoekers. ANBO ziet voor de informatievoorziening ook een rol voor gemeentes weggelegd: “De gemeente heeft op het punt van bewustwording een informerende en faciliterende rol. Het is noodzakelijk de burger te stimuleren en aan te sporen om over dit onderwerp na te denken”, aldus Liane den Haan, directeur-bestuurder bij ANBO.

Daarnaast is er voor fabrikanten een rol weggelegd. Zij kunnen de senior informeren over de voordelen van een hulpmiddel of oplossing voordat de nood echt aan de man is. Zo vertelt Bert Grootjen, directeur van thyssenkrupp Encasa: “Veel senioren vrezen dat ze hun eigen huis moeten verlaten als het traplopen lastiger wordt. Maar met een goede traplift op maat kunnen senioren gewoon zelfstandig in hun huis blijven wonen, tegen relatief lage kosten en zonder ingrijpende verbouwing. En hoewel onze traplift natuurlijk snel in te meten en te plaatsen is, raden we toch aan tijdig op zoek te gaan naar een passende oplossing en niet te wachten totdat het te laat is.”

Financiering hulpmiddelen
De gemeente en de fabrikanten doen er goed aan om in hun informatievoorziening ook aandacht aan de financiële mogelijkheden van de senioren te besteden. Die mogelijkheden verschillen namelijk per gemeente en per inkomensgroep. Mensen met een hoger inkomen blijken dan ook vaker bereid te zijn om extra voor een hulpmiddel te betalen. Mensen met een lager inkomen komen daarentegen sneller in aanmerking voor financiële ondersteuning vanuit de overheid. In sommige gevallen kan het particulier afnemen van hulpmiddelen zelfs weer goedkoper zijn.