Tweedejaarsgeneeskunde student Ruben Houvast (18) interviewde Peter Devilee, hoogleraar Humane Genetica. Zijn winnend verslag van het interview is hieronder te lezen.
Ruben Houvast (18) deed mee aan het Honours College Geneeskunde, een programma voor bovengemiddeld getalenteerde en gemotiveerde geneeskundestudenten.
Ruben-Houvast
Ruben Houvast
“Ik vond het erg leuk om prof. Devilee te interviewen”, vertelt Ruben Houvast. “Je leest weleens iets over iemands carrière, maar het is leuk om er zelf met iemand over te praten. Zijn vakgebied, oncologie vind ik interessant, maar vooral de praktische kant van geneeskunde trekt mij. Chirurgie met name, en andere snijdende specialismen, zoals KNO of Urologie. Ik denk dat ik mijn werk als arts later wil combineren met het doen van onderzoek. Het is mooi als je kunt bijdragen aan de wetenschappelijke ontwikkeling van een vakgebied wat je erg interessant vindt.”
Toen professor Peter Devilee (56), onderzoeker bij de afdeling Humane Genetica van het LUMC na het VWO zijn studie moest gaan kiezen, lag zijn studievoorkeur aanvankelijk bij geneeskunde. Toen hij werd uitgeloot, besloot hij als ‘tussenstudie’ biologie te gaan studeren in Leiden, waar hij uiteindelijk nooit meer is weggegaan. “Ik dacht: wat een leuke studie is dit! Men stelde echt basale vragen.” Vanaf zijn doctoraalfase heeft hij toch de connectie met de geneeskunde weer gemaakt in het onderzoeksveld van de genetica; wat door internationale samenwerking uiteindelijk tot belangrijke ontdekkingen leidde.
Na enkele jaren onderzoek te hebben gedaan naar centromeren van chromosomen keerde Devilee terug naar het oorspronkelijke onderwerp van zijn promotiestudie: de genetische eigenschappen van borsttumoren. Inmiddels was het veld van DNA-variatie opgekomen en kwamen er steeds meer technieken om DNA-verschillen in het genoom aan te tonen. Met behulp van deze technieken kwam men erachter dat in tumor-DNA chromosomen gedupliceerd waren of helemaal ontbraken.
“De gedachte was dat deze variaties veroorzaakt werden door tumorsupressorgenen (1). Uit families metretinoblastoom (2) wisten we dan weer dat juist deze genen een rol spelen bij de erfelijkheid van kanker.” Door deze ontwikkelingen is Devilee eind jaren tachtig overgestapt naar de erfelijke vormen van kanker. “De opvolging van onderzoeksvraagstukken verliep klassiek: je doet een deurtje open, je leert wat en achter dat deurtje liggen altijd weer nieuwe vragen”, vertelt hij.
Een onderzoeker moet dan ook zeker geïnteresseerd zijn en vakinhoudelijke kennis hebben. Volgens Devilee is het misschien nog wel belangrijker dat je sociaal bent en mensen kan motiveren: “succesvolle wetenschappers zijn vaak mensen die makkelijk contact maken. Heel slimme mensen kunnen soms zichzelf toch in de weg zitten om de allerhoogste top te bereiken, omdat ze dat weer niet goed kunnen”, legt hij uit.
Levens sparen
Een paar jaar later zijn Devilee en enkele collega’s naar de directeur van de Stichting Opsporing Erfelijke Tumoren (STOET) gegaan met de vraag of zij geïnteresseerd waren in het uitbreiden van hun databank van families met darmtumoren naar families met borsttumoren. Met behulp van de klinische connecties van deze stichting zijn 30 à 40 families geïdentificeerd en vervolgens bij Devilees onderzoek betrokken. Na lang ploeteren werden in 1994-1995 door onder andere Devilee en zijn onderzoeksgroep BRCA1 en BRCA2, ofwel de borstkankergenen gevonden.
Het is heel belangrijk wat daar toen is gebeurd. Pas later zie je wat voor gevolgen het heeft gehad.” Toen het gen was ontdekt kwamen er veel vrouwen die zich afvroegen of ze het gen ook hadden, omdat ze bang waren dat er in hun families iets mis was. Door de ontdekking van het gen kon de DNA-diagnostiek worden opgezet, waardoor deze bezorgde vrouwen konden worden geholpen. De kennis die daarvoor nodig was werd geleverd door Devilee en zijn team, die op het gebied van erfelijke borstkanker in Nederland altijd leidend zijn geweest. Trots? Ja, dat is Devilee zeker: “Ik heb nooit uitgerekend hoeveel levens door ons onderzoek zijn gespaard, maar dat dit het geval is, is wel zeker. Het is mooi om te zien wat je voor elkaar gekregen hebt.”
Onderzoek anno 2015
Tegenwoordig is de basis van de genetica – de menselijke genenkaart – eigenlijk klaar; men wil nu weten wat het ontstaansmechanisme is van de tumor, bij iemand die het afwijkende gen heeft. Devilee onderzoekt welke genetische en omgevingsfactoren bij dat ontstaan een rol spelen. Voor de financiering van onderzoek is Devilee veelal afhankelijk van subsidiegevers, maar ook van publiek geld. ‘
Devilee: “Mensen willen graag dat het geld dat zij geven goed terecht komt, omdat het bewustzijn toeneemt en iedereen beseft dat zij mogelijk kunnen profiteren van de uitkomsten van het onderzoek. Dit maatschappelijke bewustzijn levert tegelijkertijd een maatschappelijke druk op: de burger wil bepalen hoe het onderzoek ingericht wordt.” Devilee kan zich dat wel voorstellen: “Die druk is begrijpelijk, aangezien mensen het toch vaak uit eigen zak betalen.”
Een ander veld waarin Devilee zich bevindt is die van de zogenaamde personalised medicine. Het gaat hierbij om het maken van een persoonlijke risicoschatting op het krijgen van bijvoorbeeld kanker op grond van het DNA- en omgevingsfactoren, waarna een preventieve behandeling kan worden gestart. Uit de cijfers blijkt dat deze aanpak een positief effect heeft op de prognose. Er is echter nog meer winst te behalen bij de
ziektepreventie.
Persoonlijke risicoschatting
“Heel veel mensen ondergaan preventief bevolkingsonderzoek. Dat kan naar mijn mening veel efficiënter. Het aantonen daarvan wordt de uitdaging voor ons vakgebied, sowieso tot mijn pensioen”, zegt Devilee. Hij werkt hierbij, mede door connecties uit eerder onderzoek, met veel internationale onderzoeksgroepen samen. Devilee: “Het is tijd geworden om alle beïnvloedende factoren die in kaart zijn gebracht bij elkaar te gooien en te kijken naar de betekenis van die factoren voor het ontstaan van de ziekte.”
Recent is dan ook de eerste publicatie verschenen. “De publicatie is het begin van persoonlijke risicoschatting en om dat te gebruiken bij een betere inrichting van de preventie. De eerste stappen zijn gezet, de richting is er, iedereen is enthousiast dus ik heb het volste vertrouwen.”
Stagemogelijkheden
Op de afdeling Humane Genetica van het LUMC is het voor studenten goed mogelijk om stage te lopen. Devilee: “We krijgen heel veel stageverzoeken. Er lopen op de afdeling dan ook altijd studenten rond, vaak van de studies Biomedische wetenschappen of Life Science & Technology.” Een goede dokter is volgens Devilee geïnteresseerd in de wetenschap en daarom zijn er ook stagemogelijkeden voor geneeskundestudenten, ook al is het vakgebied voor hen vaak iets te fundamenteel. De werkzaamheden zijn divers en spelen zich zowel in het lab als achter de computer af. Belangrijk is dat studenten bereid zijn een stapje terug te doen: “Het hele grote beeld van patiënten genezen of iets nieuws bedenken, iets van een langere tijd. Dat lukt niet in drie maanden.”
(1) Tumorsuppressorgenen zijn genen die ongeremde deling van een cel voorkomen en zo het ontstaan van een tumor kunnen verhinderen
(2) Retinoblastoom is een zeldzame vorm van kanker in het netvlies van het oog die meestal bij kinderen onder de vijf jaar voorkomt
Fotobijschrift uitgelicht: Peter Devilee
Bron: LUMC