Het vetweefsel van de borst speelt een belangrijke rol bij de progressie van borstkanker, zeker bij vrouwen met overgewicht. Dat blijkt uit het doctoraatsonderzoek van dr. Lore Lapeire aan de Universiteit van Gent.
Lore Lapeire onderzocht samen met een team van artsen en wetenschappers van het UZ Gent hoe vetweefsel de kankercellen beïnvloedt. De resultaten moeten op termijn leiden tot gerichtere behandelingen voor vrouwen met borstkanker.

De laatste jaren is steeds duidelijker geworden dat vet geen neutrale toeschouwer van onze gezondheid is. Gents onderzoek toont nu aan dat vetweefsel, dat bij borstkanker de tumor volledig omgeeft, ook in wisselwerking treedt met die tumor. De onderzoekers vingen de stoffen die door het vet worden afgescheiden op en voegden ze toe aan borstkankercellen. De kankercellen vertoonden daarop meer tekenen van agressiviteit: ze verloren hun compacte organisatie, verspreidden zich makkelijker en groeiden sneller dan in de controlesituatie. Het eiwit Oncostatine M, dat een specifieke signaalweg (STAT3) in de kankercel activeert, bleek daarvan oorzaak. Dat bevestigden proeven op muizen: een tumor waarbij STAT3 geactiveerd werd, vertoonde opmerkelijk meer bloedvaten rond de tumor.

Verder onderzoek op mensen is nodig, maar de onderzoeksresultaten kunnen belangrijke gevolgen hebben voor de behandeling van borsttumoren. Tot op vandaag bekampen de courante behandelingen voornamelijk de tumor zelf: een biopsie moet uitsluitsel bieden over de kenmerken van de kankercellen, en op basis daarvan wordt een behandeling gestart. Dr. Lore Lapeire: “Door ook de impact van de vetweefselomgeving van de tumor in rekening te nemen, kunnen meer gerichte therapieën worden ontwikkeld die de infiltratie van de tumor en eventuele uitzaaiingen tegengaan.” Het Gentse team ziet op dit moment twee concrete pistes: het gebruik van een antilichaam tegen Oncostatine M en een behandeling die de activatie van STAT3 blokkeert.

De studie legt ook een belangrijke link met obesitas, die tweede epidemie van deze tijd. Vetcellen die een te grote hoeveelheid vet moeten opslaan, kunnen namelijk hypertrofisch worden. Ze komen onder stress te staan en gaan ongecontroleerd handelen. Hypertrofisch vetweefsel scheidt daardoor een grotere hoeveelheid schadelijke stoffen af dan het normale vetweefsel, en dat leidt tot een slechtere prognose bij borstkanker. Preventie is cruciaal, zegt dr. Lapeire: “Dat obesitas een risicofactor is voor het ontwikkelen en stimuleren van verschillende types kanker wisten we al. Ons onderzoek toont aan dat een gezonde levensstijl niet alleen bij diabetes en hart- en vaatziekten van groot belang is, maar ook bij kanker.”

Borstkanker is wereldwijd de meest voorkomende kanker. In België worden jaarlijks ongeveer 9.600 diagnoses gesteld. De overlevingskansen worden bepaald door de lokale infiltratieve tumorgroei en door uitzaaiingen in andere weefsels. Het UZ Gent zet volop in op onderzoek naar meer geïndividualiseerde behandelingen voor borstkanker. Dat moet doelgerichtere kankerbehandelingen opleveren, die patiënten niet nodeloos blootstellen aan therapieën die geen impact maar wel neveneffecten hebben.

Meer informatie: Lore Lapeire
Vakgroep Inwendige Ziekten
Tel. 09 332 51 83 of 09 332 26 91
Lore.Lapeire@UGent.be