De moderne variant van elektroconvulsietherapie blijkt niet nog effectiever tegen ernstige depressies dan de gangbare variant van deze behandeling.
Bij de nieuwe variant wordt gebruik gemaakt van kortere, smallere, stroompulsen. Omdat beide methoden evenveel cognitieve bijwerkingen hebben, verdient de huidige variant de voorkeur. Dat blijkt uit de promotieonderzoeken van psychiater Harm-Pieter Spaans (VUmc) en klinisch neuropsycholoog Esmée Verwijk (VU). Spaans en Verwijk verdedigden hun proefschriften op 15 december bij VUmc en VU tijdens een dubbelpromotie.
Elektroconvulsietherapie (ECT), een methode waarbij onder narcose met een elektrische stroom door de hersenen een epileptische aanval wordt opgewekt, is een zeer effectieve behandeling van ernstige depressies. ECT kan echter ook bijwerkingen hebben, zoals geheugenverlies. De laatste jaren is een nieuwe variant van ECT, die minder bijwerkingen zou hebben, in zwang geraakt. Spaans en Verwijk hebben de effectiviteit en de bijwerkingen van beide ECT-varianten vergeleken.
Vergelijkbare bijwerkingen
De nieuwe ECT-variant gebruikt kortere stoompulsen dan de oudere variant. “We verwachtten dat beide methoden even effectief zouden zijn, maar dat de kortere pulsen minder bijwerkingen zouden geven”, zeggen Spaans en Verwijk. Dit bleek echter niet het geval te zijn. Spaans: “De methoden hadden vergelijkbare bijwerkingen en de gangbare methode was zelfs effectiever dan de nieuwe techniek. Ook hadden patiënten die behandeld werden met de gangbare methode minder sessies nodig. Om die reden adviseren wij de methode met langere pulsen te behouden.” Daarnaast moet met name bij ouderen aan ECT worden gedacht omdat dit effectiever was dan medicatie. “In de ECT-groep herstelden twee keer zoveel oudere depressieve patiënten als in de medicatiegroep”, vertelt Spaans.
Iedereen bijwerkingen?
Bij de patiënten liep de ernst van de  bijwerkingen uiteen. “Bij ongeveer een derde van de patiënten verslechterde het denkvermogen, terwijl bij een derde van de patiënten het denkvermogen juist aanzienlijk verbeterde”, zegt Verwijk. “Toch zien we bij veel patiënten dat de bijwerkingen verdwijnen en het denkvermogen verbetert, als de depressie maar wegblijft.”
Op dit moment is nog niet duidelijk welke patiënten vatbaar zijn voor bijwerkingen. “We zouden graag willen onderzoeken of er markers, zoals genetische of fysiologische factoren, te vinden zijn die de verschillen in gevoeligheid voor bijwerkingen verklaren”, aldus beide onderzoekers.
Promovendus:     H.P. Spaans
Titel proefschrift:     Efficacy of electroconvulsive therapy. Too Brief Or Not Too Brief?
Promotor:     prof.dr. M.L. Stek
Copromotoren:     dr. K.H. Kho, dr. R.M. Kok
Proefschrift: VU-DARE
Bron: VUmc