De uitgaven aan medisch-specialistische behandelingen door ziekenhuizen en revalidatie-instellingen stegen in 2014 minder sterk dan de jaren ervoor. Dit blijkt uit de marktscan ‘Medisch-specialistische zorg 2015’ van de NZa. Daarnaast valt op dat opnieuw bij zeven specialismen de wachttijden voor een eerste polikliniekbezoek langer zijn dan de norm van vier weken. Verder is de financiële positie van de ziekenhuizen gemiddeld genomen beter geworden.
Groei uitgaven medisch-specialistische zorg remt af
Tussen 2010 en 2012 stegen de uitgaven aan medisch-specialistische zorg met ruim drie procent per jaar. In 2014 groeiden de uitgaven minder hard, met iets meer dan een half procent. Of hier sprake is van een trend moet nog blijken uit de cijfers van 2015 en 2016. Zichtbaar is nu al wel dat het aantal lichtere behandelingen afneemt in de ziekenhuizen. Die daling kan wijzen op een verschuiving van deze behandelingen naar bijvoorbeeld de huisarts.
Wachttijden eerste polikliniekbezoek te hoog bij zeven specialismen
In 2015 zijn de wachttijden voor een eerste polikliniekbezoek bij zeven specialismen langer dan de norm van vier weken. Bij oogheelkunde, allergologie en maag- darm- en leverziekten zijn de wachttijden langer geworden. De NZa gaat in gesprek met de zorgverzekeraars over de oorzaken van deze wachttijden en eventuele stappen die gezet moeten worden. Bij alle specialismen zijn de gemiddelde wachttijden voor diagnostiek en voor een (poliklinische) behandeling binnen de normen van respectievelijk vier en zeven weken. Uitzonderingen zijn de wachttijden voor een borstverkleining en buikwandcorrectie, die zijn langer.
Financiële positie van ziekenhuizen verbetert
Gemiddeld genomen is de financiële positie van de ziekenhuizen beter geworden ten opzichte van eerdere jaren. Deze trend moet wel voorzichtig worden beoordeeld: zo waren 2012 en 2013 bijzondere jaren doordat er een overgangsregeling gold. Ziekenhuizen konden in die jaren compensatie krijgen als zij minder omzet hadden dan in de jaren ervoor, of moesten geld terugbetalen bij een hogere omzet. Daarnaast zijn de cijfers gemiddelden: de financiële positie van individuele ziekenhuizen kan beter, maar ook slechter zijn.
Prijsafspraken komen langzaam tot stand in 2015 en 2016
Aanbieders van medisch-specialistische zorg onderhandelen met de zorgverzekeraars over de prijzen van behandeltrajecten, de diagnose-behandelcombinaties (dbc’s). In 2015 komen die prijsafspraken langzamer tot stand dan voorheen. De reden hiervoor is dat de maximale doorlooptijd van de behandeltrajecten per 1 januari 2015 is verkort van maximaal 365 dagen naar maximaal 120 dagen. Hierdoor verandert het zorgpakket en dus ook het tarief. Ook in 2016 zal deze verandering de onderhandelingen nog kunnen vertragen. De kortere doorlooptijd van behandeltrajecten is niet voor niets: dit geeft ziekenhuizen en zorgverzekeraars eerder zicht op hun financiën. Bovendien kunnen patiënten eerder hun ziekenhuisnota ontvangen en controleren.
Bron: NZa