Kinderen die anesthesie krijgen op jonge leeftijd hebben geen verhoogd risico op neurologische schade op de langere termijn. Dit blijkt uit het eerste prospectieve internationale onderzoek in grote kindercentra, inclusief het UMC Utrecht. De eerste resultaten van deze nog lopende studie zijn deze week online gepubliceerd in The Lancet.
Uit proefdieronderzoek is eerder gebleken dat medicijnen die gebruikt worden voor narcose schadelijk kunnen zijn voor de hersenontwikkeling. In 2006 startte daarom een prospectief gerandomiseerd cohortonderzoek met controlegroep in 28 kindercentra in zeven landen naar de langetermijneffecten van anesthesie bij 722 patiëntjes jonger dan 5 maanden oud. De patiëntjes hadden tussen 2007 en 2013 allemaal een liesbreukoperatie nodig, waren verder gezond en werden willekeurig toegewezen aan óf algemene anesthesie van een uur met sevoflurane óf kregen een ruggenprik (controlegroep). Na twee jaar is bij alle patiëntjes de psychomotorische ontwikkeling onderzocht en hieruit blijkt dat er geen verschil is tussen beide groepen. Dit is het eerste definitieve bewijs dat een eenmalige en korte anesthesie bij jonge kinderen geen neurologische veranderingen veroorzaakt op een termijn van twee jaar.
Dr. Jurgen de Graaff, kinderanesthesioloog in het Wilhelmina Kinderziekenhuis (onderdeel van het UMC Utrecht), is medeauteur van het artikel en coördinator van de GAS-studie. Hij vertelt dat dit onderzoek het belangrijkste vraagstuk van de kinderanesthesie probeert op te lossen. De Graaff: “Discussie over de mogelijk schadelijke langetermijneffecten van anesthesie bij jonge kinderen is hét onderwerp geweest van de afgelopen zeven jaarcongressen. Zowel ouders van kinderen die geopereerd moeten worden als chirurgen en anesthesiologen hebben behoefte aan duidelijkheid. Dat moet deze studie gaan opleveren en de eerste resultaten zijn geruststellend. Een kortdurende blootstelling aan anesthetica bij kinderen lijkt geen probleem te zijn.”
De Graaff benadrukt dat bij deze geruststellende resultaten wel een kanttekening geplaatst moet worden. Het gaat immers alleen om tweejarigen en het onderzoek loopt nog. “Het punt is dat je oudere kinderen beter kunt testen. We onderzoeken de patiënten daarom opnieuw als ze vijf jaar oud zijn. Op die leeftijd kun je specifiekere testen afnemen en een betere beoordeling maken. Daarnaast gaan de huidige resultaten op voor eenmalige en korte anesthesie en zeggen dus niets over herhaalde en langere toediening van anesthetica. Daar staat tegenover dat er bij het merendeel van de operaties bij jonge kinderen juist eenmalig en kort anesthesie wordt toegediend.” Ondanks deze kanttekening beschouwen artsen dit eerste, en voor de nabije toekomst enige, gerandomiseerd onderzoek op dit gebied als een mijlpaal.
Referentie
Davidson AJ, Disma Nicola, Graaff JC de, et al. Neurodevelopmental outcome at 2 years of age after general and awake-regional anaesthesia in infancy (GAS): an international multicentre, randomised controlled trial. The Lancet 2015, in press. DOI: http://dx.doi.org/10.1016/S0140-6736(15)00608-X.
Bron: UMC Utrecht